|
Zoals jullie hebben kunnen lezen heb ik afgelopen week ook weer een computer gevonden. Daar heb ik ook mijn foto’s voor het eerst gezien. Want ik heb nog gewoon een toestel met een rolletje, dat gewoon op de post naar Inge gaat. Maar wat viel me het tegen zeg. Voor m’n gevoel was ik aardig afgevallen door al m’n gezwoeg, gezweet en gevast. Maar daar was op de foto’s niets van te zien. Wat moet een mens nog meer doen om de kilo’s eraf te krijgen????
Wat zal er deze week nog meer gebeuren ??? Ik laat het jullie weten. En er zijn deze week alweer allemaal nieuwe bloemen langs de wegen en paden. Verder zijn de magnolia’s en de camelia’s al uitgebloeid en gaan de eerste pioenrozen open, het wordt hier steeds mooier. Wordt vervolgd.
De week zit erop: morgen vertrekken Jan en Saar. Dat zal best wel moeilijk worden, maar goed het is een juiste beslissing. Maandag zijn Jan en ik ieder aan een kant van het traject gaan lopen, maar Saar was ’s avonds gewoon beroerd van de hitte: spugen, koorts en ook de volgende dag nog spugen en niets meer eten. Het kan dus echt niet meer in deze hitte.
De rest van de week hebben we het als volgt gedaan: ik begin met lopen om half acht. Jan pakt de auto in en doet boodschappen en rijdt dan naar een punt op de route. Hij wacht daar met Saar op mij. We hebben dan gezellig een picknick. Dan rijden we een stukje van de route en vervolgens loop ik weer een paar uur. Zo zijn we lekker opgeschoten. Je komt zo op plekjes die je normaal gesproken niet zo gauw zult zien. De stukken die je niet met de auto kon rijden, heb ik ook gelopen: zo heb ik toch alles van de route gezien. Vandaag heb ik een heel stuk door de wijnvelden gelopen. De route was bewegwijzerd met witte bordjes met een schelp eronder en de tekst in mooi schoonschrift geschreven”chemin de saint jaques”. Toen ik in een klein gehuchtje kwam, kwam de maakster van al die bordjes over het tuinhek. Het was madame Yvette. En of ik in haar livre dór wilde schrijven. Ondertussen schonk ze me een heerlijk glas drinken in en hadden we een praatje. Weer zo’n bijzondere ontmoeting.
Vannacht slapen we in relais de Saint Jaques op het kruispunt van de d10 en de d15. Alles is hier schelp, moet ook niet commerciëler worden, maar dat zal nog wel.
Ik wil jullie nog even wat winkelervaringen vertellen en dan stop ik ermee. Vaak is het zo als ze doorhebben dat je buitenlander bent, dat mensen zo heel erg hard gaan praten, maar laatst bij de bakker stond de verkoopster gewoon te schreeuwen. Ik moest er gewoon zo om lachen. Verder is het bij de slager zo dat als je vraagt om deux plakken ham en je steekt daarbij ook nog eens 2 vingers in de lucht, ze doodleuk zeggen “Ah…. Trois!” Ik laat het maar zo; krijgt Saar een hele plak in plaats van een stukje. Maar ook daar moet ik zo om lachen, en het is me heus niet 1 keer overkomen hoor, maar dit overkomt me vaker. “Ah ….trois!”, is toch om je rot te lachen! Laatst had ik 2 plakken ham (3 dus) en 2 plakken roti de porc (ook 3 dus) was ik meer als 10 euro kwijt. Zit je met een kilo (!) vleeswaar, want voor toeristen wordt er iets dikker gesneden. Maar goed, veel klandizie hebben ze niet in die dorpjes, dus geef ze eens ongelijk.
Maar goed, morgen ga ik aan de laatste 1000 kilometers beginnen zonder Saar. Maar Jan heeft beloofd vóór Santiago weer bij me te zijn met Saar, zodat ik samen met haar Santiago binnen kan lopen. Bij leven en welzijn natuurlijk.
|